De Stentor, 23 juni 2026, Freek Morren – verslaggever gemeente Steenwijkerland
„Ach, het zijn maar vogeltjes”, zegt de 33-jarige aannemer uit Urk tegen de rechter. Maar die vogeltjes waren wel beschermde zwaluwen. Ze lagen dood in vuilniszakken, samen met hun nestjes en eieren. Tijdens het broedseizoen.
Ook de 51-jarige eigenaar van het pand in Blankenham moet zich verantwoorden. Beide mannen vechten hun boetes aan: 1000 euro voor de aannemer, 600 euro voor de eigenaar.
Het begon met een telefoontje naar de Drontenaar die het pand bezit. „De dakranden en dakgoten vielen bijna naar beneden”, vertelt hij in de rechtbank. „Daarover werd ik in mei 2025 gebeld door het uitzendbureau dat het pand van mij huurt.” In het gebouw wonen 24 arbeidsmigranten.
Om te voorkomen dat bewoners een dakgoot op hun hoofd krijgen, schakelt hij een aannemer in. Die zou vier weken later aan de slag gaan, maar stuurt door privéomstandigheden twee andere klusjesmannen. Als opdrachtgever blijft hij wel verantwoordelijk voor hun handelen.
Buur ziet nestjes verdwijnen
Een buurtbewoner ziet de bouwvakkers vogelnesten weghalen tijdens het klussen en belt de politie.
Als de politie ter plekke komt, treffen ze meerdere vuilniszakken aan vol met dode zwaluwen en mussen, hun nestjes en eieren. Over de hoeveelheid vogels en eieren zijn de officier van justitie en de verdachten het niet eens. Wel dat er dode vogels en kapotte eieren waren.
„We hebben misschien niet zorgvuldig genoeg gehandeld”, geeft de pandeigenaar toe. „Maar we willen geen ongelukken, of dat er dakgoten op de weg of op mensen vallen. Dus het was echt urgent.” Dat is ook reden dat de werkzaamheden plaatsvonden in het broedseizoen.
„Maar u zegt net dat er vier weken tussen zat?”, vraagt de rechter. „Als het echt urgent is, laat je toch eerder iemand komen?”
De officier van justitie wil weten of er wel onderzoek is gedaan naar de aanwezigheid van dieren. „Ik heb wel even gekeken”, zegt de bouwvakker met zwaar Urks accent. „Maar ik zag niks.”
Door de bomen het bos niet meer zien
Ook de vergunningen waren niet op orde. „Maar het is allemaal ook wel ingewikkeld”, verdedigt de pandeigenaar zich. „Je ziet door de bomen het bos niet meer met al die regels. Ik zat wel met dakgoten die bijna naar beneden vielen.”
Na de boete deed hij alsnog een aanvraag bij het omgevingsloket. „Maar daar heb ik nooit meer wat van gehoord.”
De rechter vraagt waarom hij het pand niet eerder netjes heeft onderhouden. „Misschien heeft u daar gelijk in, maar ik kom niet zo vaak in Blankenham. Ik was, tot het uitzendbureau belde, me niet bewust van de staat.”
Rechter niet onder de indruk
Beide mannen zijn het absoluut niet eens met hun boetes. „We voelen ons behandeld alsof we criminelen zijn, het zijn maar vogeltjes”. Maar de rechter is niet onder de indruk van hun verweer.
„We kunnen het de vogels niet meer vragen, maar het zijn niet voor niks beschermde diersoorten”, zegt hij streng tegen de aannemer.
De Urker probeert de rechter tijdens zijn uitspraak nog in de rede te vallen, maar daar is hij niet van gediend. Uiteindelijk houdt de rechter beide boetes in stand.
