Elk jaar kiezen Sovon en Vogelbescherming een vogelsoort van het jaar. Dat is zonder uitzondering een soort waarmee het niet voor de wind gaat. Voor 2026 is in samenwerking met de stichting STONE (SteenuilenOverlegNederland) gekozen voor de Steenuil. Inderdaad, dit kleinste uiltje van onze uilensoorten met z’n priemende gele ogen heeft het moeilijk. Helaas zien we tegenwoordig veel minder Steenuilen op rasterpaaltjes of oude schuurtjes zitten dan vroeger. In de eerste helft van de twintigste eeuw was de Steenuil in ons land een algemene broedvogel. Inmiddels is zowel zijn verspreiding als de populatiegrootte sterk afgenomen. In de jaren vijftig werd de populatie nog op 25.000 paren geschat, terwijl de meest recente schatting (2018-2020) uitgaat van 8000-9500 paren. Deze terugloop heeft alles te maken met de intensivering van de landbouw. Ouderwetse boerenerven met wrakkige schuurtjes en een bongerd met decennia oude knoestige fruitbomen zijn deze eeuw gaandeweg verdwenen. De Steenuil is namelijk gebonden aan kleinschalig, halfopen agrarisch landschap met heggen, houtwallen en rommelhoekjes. Daardoor komt hij tegenwoordig vooral nog voor in regio’s waar dit type cultuurlandschap nog te vinden is, zoals de Achterhoek, Twente en delen van Noord-Brabant en het rivierengebied. Langs de IJssel en in de overgangsgebieden tussen Veluwse bossen en randmeren handhaaft de Steenuil zich gelukkig behoorlijk goed.
In afwijking van alle andere uilensoorten die schemer- en nachtjagers zijn, jaagt de Steenuil ook overdag. Zeker in het voorjaar als er veel voedsel moet worden aangeleverd voor een nest met jongen. De prooien bestaan dan uit motten, kevers en muizen. Regenwormen vormen ook een flink deel van het voedselaanbod. Paardenweitjes blijken een geliefd jachtterrein. Blijkbaar is een weide met verse paardenmest door de aanwezigheid van mestkevers en andere insecten aantrekkelijk.
De roep van de Steenuil is heel herkenbaar. In het najaar roepen de mannetjes een luid, in toonhoogte oplopend whOET. Deze roep bakent het territorium af en dient tevens om een vrouwtje te lokken. De meest gehoorde roep is WIEuw, de contactroep tussen partners en het kan een staat van opwinding uitdrukken.
Als gevolg van de achteruitgang van natuurlijke broedplaatsen zoals oude kippenhokken, varkensschuren en holle fruitbomen, zijn uilenbeschermers al lang geleden begonnen met het plaatsen van nestkasten voor deze soort. Vanzelfsprekend ook in het werkgebied van onze VBW zijn diverse leden actief met het plaatsen en monitoren van steenuilkasten. In de vorige eeuw was dat in de meeste gevallen een langgevormde kast met een vlieggat aan een van de korte zijdes. Een broedsel in een dergelijke kast is heden ten dage gedoemd te mislukken. Door de populatiegroei van zowel steen- als boommarter is predatie van het legsel in een dergelijke kast zo goed als zeker. Wil je op je erf een kast plaatsen kies dan voor de marterbestendige kast. Voor wie deze zelf wil maken is een bouwtekening te vinden op de website van STONE www.steenuil.nl
Een kant en klare en degelijke kast kun je ook voor een nette prijs verkrijgen bij Stichting Landschaps Elementen Elburg www.landschapselementenelburg.nl
De Steenuil, een charismatische soort met zijn sprekende blik is altijd een feest om te mogen aanschouwen!
Informatie op de websites van Sovon https://www.sovon.nl/tellen/telprojecten/jaar-van-de-steenuil
STONE Steenuilenoverleg Nederland www.steenuil.nl en Vogelbescherming Nederland https://www.vogelbescherming.nl/actueel/bericht/2026-wordt-het-jaar-van-de-steenuil en Beleef de lente https://www.vogelbescherming.nl/beleefdelente/steenuil

Tot voor enkele jaren vormde dit erf de ideale leefomgeving voor zowel Kerk- als Steenuil. De nieuwe eigenaar heeft alle opstallen tot en met de laatste steen laten slopen en eveneens alle (fruit)bomen gerooid. Nu staat op deze locatie een moderne bungalow. Dit voorbeeld geeft een van de redenen waarom het niet goed gaat met de Steenuil en deze soort op de Rode lijst is beland.
