Reisverslag 1999
Door: Jaap Schröder

Sinds jaar en dag gebruiken veel VBW-leden de laatste dagen van april en de eerste week van mei voor een korte vogelvakantie. Een bekend reisdoel is de Müritz in voormalig Oost Duitsland. In eerdere Ansers kon u daar enthousiaste verslagen over lezen. Dit jaar heb ik niet deelgenomen aan de Müritz-expeditie onder leiding van uw Anser redacteur. Mijn broer haalde me over om naar Frankrijk te gaan. Via, via wist hij dat een uitgeweken Nederlander kamers in een boerderij zou verhuren. Zijn kennis ging niet verder dan een adres ergens onder Parijs. Verder zouden er ijsvogels zitten dus ik was onmiddellijk verkocht.

De avond voor ons vertrek werd het Internet geraadpleegd: onder Parijs bleek even waarheidsgetrouw als boven Toulouse, zo’n 900 km van huis, tussen Poitiers en Chateauroux. Het Internet vertelde ons verder dat het adres gelegen was in het Parc Naturel Regional de la Brenne, 7500 ha groot. Het gebied heeft de status van wij in Nederland een Nationaal Landschapspark zouden noemen. De functies natuur, landbouw en recreatie worden geacht daar duurzaam samen te gaan.

Kerkuil – Foto: Wim Janszen

Zodra we het gebied na een rustige reis van tien uur binnenreden, werd ik getroffen door de opzienbarende landschappelijke overeenkomsten met de Müritz: zandgrond, hier en daar licht glooiend met talloze, meest kleine meertjes daar waar leembanken in de ondergrond voorkomen. Een aantal meren wordt net als in de Müritz gebruikt voor karperkweek. Niet voor eigen consumptie maar voor export naar Duitsland. Het landgebruik is overwegend grasland en bouwland gescheiden door struweel en kleine stukjes gemengd bos. Daarnaast, als in de Müritz, ook een aantal grote productie(naald)bossen. De mooiste bovenste helft van La Brenne heeft als zuidgrens het dal van de Creuse. In het hart van die noordelijke helft ligt het dorp Rosnay, ons reisdoel.

De weg naar de boerderij werd feilloos gevonden waarna een hartelijke ontvangst volgde door eigenaar Frits van Beusekom. Frits is werkzaam geweest als bioloog en vijf jaar geleden, na een vervroegde uittreding, naar Frankrijk vertrokken. Hij houdt vleesvee en heeft uitgesproken ideeen over hoe landbouw en natuur samen kunnen gaan. Alleen al op zijn bedrijf komen ruim 300 plantensoorten voor waaronder orchideeen. Diezelfde avond nog kregen we van hem talloze tips om de kans op bijzondere vogelwaarnemingen zo groot mogelijk te maken. Ook wees hij ons op de grootste doodzonde die je in Frankrijk zo’n beetje kunt begaan: bordjes met ‘privé’ en ‘chasse interdit’ negeren. Anders dan in de Müritz, kun je je daar in Frankrijk echt niet uitpraten. Overigens wemelt het van dat soort verboden terreinen. Denk niet dat dat de wandel- en fietsmogelijkheden beperkt. De openbare wegen zijn zo ijselijk stil dat je daar ruim genoeg aan hebt. Het gebied is zeer dun bevolkt en de Fransen daarbuiten hebben La Brenne nog nauwelijks ontdekt.

Overladen met tips gingen we de eerste avond vroeg naar bed na nog wat genoten te hebben van een boomkikkerconcert en bos- en kerkuil die rond de boerderij rondvlogen. Wat verder opviel was het geluid van de stilte: geen A28, vliegtuigen of buren. De volgende morgen werden we wakker van de hop die de nok van een schuur als zangpost gebruikte. Een beloftevol begin van de dag. De gelijkenis met de Müritz bleek verder te gaan: relatief veel grauwe gors, wouw (hier alleen zwarte in tegenstelling tot de rode in Duitsland), Europese kanarie, kleine bonte specht, roerdomp, waterral en………..ijsvogels. Over die laatste straks meer. En verder ontelbare roodborsttapuiten.

Door het koude natte voorjaar ontbrak het eind april nog aan grote insecten. Voor klauwieren die er volop broeden, waar we dan ook nog zo’n twee weken te vroeg. Dat gold ook voor boomvalk en bijeneter. Laatstgenoemde soort schuift de laatste jaren naar het noorden op en broedt nu in zandgroeven in het dal van de Creuse nabij Tournon. Maar ook zonder deze insecteneters bleek het gebied meer dan de lange reis waard. Wat denkt u van purperreiger, kwak, koereiger, geoorde fuut, steltkluut en Orpheus spotvogel ? In totaal zagen we 91 soorten.

IJsvogel – Jan van Duinen

Zelden zag ik vanuit zo’n luxe positie ijsvogels als bij Saint Michel. Ontbijten en lunchen deden we dagelijks aan een picknicktafel bij een brug over de Claise met tussen ons en de beek in, zo’n Frans washuisje met een open front aan de waterkant. De ijsvogels die we binnen een kwartier zagen, verdwenen op een wonderlijke manier ‘uit beeld’ zodra ze het washuisje passeerden om soms enige minuten later even wonderlijk weer te voorschijn te komen. En inderdaad: aan de overzijde van de beek, slechts 30 cm boven de waterlijn, een hoefijzervormige opening in de oever. Vervolgens hebben we, want je bent Nederlander of niet, de picknickbank zo verplaatst dat we door de deur van het washuisje recht op de nestholte keken. Niet eerder heb ik onder het genot van Camembert en stokbrood met een steuntje in de rug zo ademloos dichtbij naar ijsvogels kunnen kijken.

Voor ons kan het gebied niet meer stuk: de uitdrukking ‘als god in Frankrijk’ kreeg eindelijk betekenis. Als het ook u wat lijkt, is het goed om te weten dat Frits van Beusekom graag gasten ontvangt. Hij is recht door zee en zegt eerlijk dat hij het liefst mensen heeft die de hele dag van huis zijn. Kamperen kan, kamers huren ook. Wat dat laatste betreft: verwacht geen enkele luxe. Eerlijk gezegd waren we blij dat we beide vrouw (toch ook niet bepaald kieskeurig gezien hun partnerkeuze) en (kleine) kinderen hadden thuisgelaten. Als je het niet erg vind dat er muizen langskomen en geen punt maakt van een boerenzwaluwnest in de kamer, dan is het prima uit te houden. Belangstellenden kunnen contact met me opnemen.

Inlichtingen: Jaap Schröder – tel. 0341-416324, e-mail: schroder.zoomers@caiway.nl

Overzicht vogelwaarnemingen Parc Naturel de la Brenne (Frankrijk), 28 april (18.00 h)– 2 mei (8.00 h) 1999

1. Kokmeeuw 22. Torenvalk 43. Kauw 66. Spreeuw
2. Witwangstern 23. Buizerd 44. Zwarte kraai 67. Huismus
  24. Zwarte wouw 45. Roek 68. Winterkoning
3. Blauwe reiger 25. Sperwer 46. Ekster 69. Roodborst
4. Purperreiger 26. Havik 47. Vlaamsche gaai 70. Witte kwikstaart
5. Kwak 27. Blauwe kiekend.   71. Gr. gele kwikst.
6. Kleine ziverreiger 28. Bruine kiekend. 48. Zwartkop 72. Roodborsttapuit
7. Koereiger 29. Bosuil 49. Tuinfluiter 73. Zwarte roodstaart
8. Roerdomp 30. Kerkuil 50. Fitis 74. Gekr. roodstaart
    51. Tjiftjaf 75. Boompieper
9. Dodaars 31. Steltkluut 52. Grasmus 76. Goudhaantje
10. Geoorde fuut 32. Kievit 53. Orpheus spotv. 77. Veldleeuwerik
11. Fuut 33. Bontbekplevier 54. Snor  
12. Aalscholver 34. Tureluur 55. Kleine karekiet 78. Putter
  35. Groenpootruiter 56. Fluiter 79. Vink
13. Tafeleend 36. Oeverloper   80. Groenling
14. Slobeend 37. Meerkoet 57. Boomkruiper 81. Europese kanarie
15. Kuifeend 38. Waterhoen 58. Boomklever 82. Kneu
16. Krakeend 39. Waterral 59. Gr. Bonte specht 83. Geelgors
17. Wilde eend   60. Zwarte specht 84. Grauwe gors
18. Knobbelzwaan 40. Houtduif 61. Groene specht  
19. Canadese gans 41. Zomertortel 62. Kl. Bonte specht 85. Boerenzwaluw
  42. Turkse tortel   86. Huiszwaluw
20. Fazant   63. Koolmees 87. Gierzwaluw
21. Rode patrijs   64. Staartmees 88. Wielewaal
    65. Pimpelmees 89. Koekoek
      90. IJsvogel
      91. Hop